Waarom het zoveel pijn deed om onze poes in te laten slapen.

‘Gewoon blijven ademhalen. Adem in en adem uit.’ Onze zoon verwoordt het zo treffend in zijn rol als EHBO-er in de eindmusical van groep 8. Met een sausje van droge humor verbergt hij zijn eigen zenuwen voor een publiek van talloze ouders, familieleden en leerkrachten. Gewoon blijven ademhalen. Ik glimlach als ik terugdenk aan hoe hij zijn mannetje wist te staan in zijn witte shirt met het rode kruis, maar dit stuk schrijf ik met een brok in mijn keel. Soms is dat namelijk het enige dat je nog kunt, gewoon blijven ademhalen. Niet in paniek raken, steeds opnieuw in en uitademen, terwijl het verdriet je overspoelt. Onverwacht verdrinken. De golven slaan woest om me heen en ik worstel om mijn hoofd boven water te houden. Gewoon blijven ademhalen. Meer is er niet. Adem in en adem uit.

Inslapen

Vandaag is het precies een week geleden. Onze poes Kitty blijkt ernstig ziek. Zo ziek dat we ervoor kiezen om haar in te laten slapen. We zitten in het kamertje bij de dierenarts. Een witte kamer met een glazen wand naar de gang. De gang waar we meer dan een uur moeten wachten, tussen andere honden en poezen. Foldertjes lezend, de tijd dodend met een fotopresentatie van lieve huisdieren op het scherm aan de muur. Een mevrouw loopt geëmotioneerd door de gang, met haar poes op de arm en haar man op enkele meters afstand. Ze gaan een klein kamertje binnen. De dierenarts volgt een paar minuten later met een spuitje. Komt dan weer terug, wacht op een seintje van de man en brengt een tweede spuitje. We weten wat dat betekent. Ze rekenen huilend af. Een ander stel gaat met twee konijnen, zalfjes en een dikke rekening naar huis. Een witte buldog strompelt met zijn baasjes naar de behandelkamer, laat zich nakijken en mag dan weer naar huis. Kater Basje, die voor ons aan de beurt is, miauwt klaaglijk, maar is binnen vijf minuten alweer klaar.

Wij zijn als allerlaatste aan de beurt. Kitty kijkt me met heldere ogen aan. Ze heeft pijn, dat voel ik. Ik voel haar pijn, ik voel me ontheemd, ik voel me onvast in de wereld. Ik vertel mezelf dat het niet ernstig hoeft te zijn, maar weet eigenlijk wel beter. Onze poes is erg verzwakt. Vanochtend moest ik haar vanonder een bankje uit de tuin plukken. Normaal komt ze altijd meteen als ik haar roep. Ze heeft de hele dag op de vensterbank gelegen, nauwelijks gegeten en gedronken. De kinderen zijn voorbereid op dat het mee kan vallen, maar ook tegen. Het frustreert me dat we pas om kwart voor vijf bij de dierenarts terecht kunnen, maar als we eenmaal daar zitten wil ik eigenlijk liever weg. Omdat ik voel wat er komt.

Samen afscheid nemen

‘Wat zijn haar kansen?’, vraag ik de dierenarts.
‘Ze heeft heel ernstige bloedarmoede,’ vertelt hij rustig. Hij kijkt er bedenkelijk bij. ‘Het is echt erop of eronder met een operatie.’
‘Ik vind het niet eerlijk om haar dat nog aan te doen,’ hoor ik mezelf zeggen. Kalm en rationeel, zoals we altijd hebben afgesproken. Geen onnodig lijden voor dieren. Afscheid nemen is soms echt de beste keuze, ook al voelt het verkeerd om die te maken.
De dierenarts knikt.
Onze oudste dochter is erbij. Haar lijf schokt hevig wanneer de beslissing valt. Overmand door verdriet. Gewoon blijven ademhalen, meer is er niet.

We vragen opa en oma om met de andere twee kinderen te komen om afscheid van Kitty te nemen. Ze krijgt duizend knuffels en één miljoen tranen van ons allemaal.
‘Sorry Kitty,’ zegt mijn oudste dochter.
‘Laten we Kitty bedanken voor alle liefde die ze ons gegeven heeft,’ antwoord ik.
‘Dankjewel voor je knuffeltjes Kitty, dankjewel voor je kopjes, dankjewel voor het spelen….’
De lijst is eindeloos. We leggen haar in ons midden en nemen afscheid van onze poes.
Ze slaapt rustig in.

‘Als ik zie hoe snel haar hartje gestopt is, dan had ze een operatie ook zeker niet overleefd,’ stelt de dierenarts mij gerust. Hij kijkt me doordringend aan en geeft me een hand.
Ik hoef geen schuldgevoel te hebben.
Ik heb één miljoen kilo schuldgevoel.

Gebroken

Ik voel me geknakt. Dit is niet de eerste keer dat we afscheid nemen van een huisdier, maar toch is het anders. Het doet pijn om adem te halen. Ik voel me gestikt, alsof ik zink naar de bodem, loodzwaar zijn mijn armen en benen. Duizend gedachten tollen door mijn hoofd.

Het is de beslissing die aan me vreet.
Het is het verdriet van de kinderen om onze poes. Waarom heb ik ze dit aangedaan?
Nee, het is goed dat ik ze afscheid heb laten nemen. De dood hoort bij het leven.
Kon ik niet eerder zien dat onze poes ziek was? Dacht ik dat ze gewoon een dagje ouder werd?
Of voorvoelde ik toch al iets en heb ik dat gewoon weggerationaliseerd?
Waarom kon ze niet gewoon twintig jaar blijven leven zoals we hadden afgesproken?
Hoelang had ze al pijn?
Kon ik iets doen om haar dit lot te besparen?
Gaat onze andere poes haar niet vreselijk missen?
Is dit mijn schuld?
Zullen we eraan wennen dat ze er niet meer is?
Waarom heb ik om dit beest zoveel meer verdriet?

Ik ga het missen dat ze me altijd voor de voeten loopt. Ik zal nooit meer bijna over haar struikelen en mijn nek breken. En dan komt de realisatie dat overgave de enige optie is. Adem in en adem uit. Laat het maar over je heen komen. Raak niet in paniek. Voel nu maar gewoon en weet dat je het wel overleeft. Uiteindelijk.

Lieve*

Het kost me een tijdje om te achterhalen wat er ‘mis’ is met me. Maar ik denk dat ik het nu wel weet.

Kitty was 12 jaar oud. Onze poes groeide op te midden van ons gezin. Af en toe was ze stout in al haar lievigheid, zoals die keer dat ze bij onze zoon in de wandelwagen kroop en lekker op zijn buik ging liggen slapen. En ook alle hamburgers die ze gepikt heeft om overgewicht van haar baasjes te voorkomen en de borden die ze ‘af heeft gewassen’. Ze liet zich steevast half doodknuffelen door onze oudste dochter die anderhalf jaar oud was toen we Kitty kregen, zat gewillig in wandelwagentjes en vond het prima als de jongste aan haar staart trok. Of aan haar oren. Of een vinger tegen haar neus duwde en ‘toet’ zei.

Kitty was er altijd voor mij als ik het niet meer zag zitten. Toen Lieve* overleed absorbeerde ze mijn tranen. Oneindig troostend met haar zachte vacht, nooit oordelend, geen gevoel vond zij verkeerd. Kitty werd niet boos om mijn woede op de wereld, om alles dat oneerlijk was, om dat ik wekenlang NIETS meer deed. Ze heeft mijn vragen nooit in twijfel getrokken, maar altijd haar vertrouwen gegeven, haar goede humeur ondanks alle ellende. Dankjewel Kitty.

En bovenal heeft zij Lieve* in mijn buik gekend.
Zijn aanwezigheid gevoeld.
Kitty droeg een stukje geschiedenis van ons gezin met zich mee.
Een stukje Lieve*.
Een stukje Lieve* is nu met haar gestorven.
En daarmee ook weer een stukje van mij.

Rouw komt in golven en soms als een tsunami die je niet aan ziet komen, ook 9,5 jaar na dato. Maar het komt goed. Het komt altijd weer goed. Verdriet doorleef(t) je. Als je maar gewoon blijft ademhalen.

Advertenties

Zoveel mogelijk bij haar zijn – Jolie* – door: Froukje

jolieHoeveel kinderen heb je? Die vraag geeft me een brok in mijn keel. Of als onze middelste dochter de oudste genoemd wordt, door mensen die ons verhaal niet kennen maar ook door mensen die ons verhaal wel kennen. Ons verhaal… het wordt nooit meer anders, het gaat nooit meer weg. Ik moet er mee leren leven.

In 2008 zijn we getrouwd, in 2010 zijn we in ons koophuis gaan wonen. Toen we net in ons nieuwe woning woonde werd ik zwanger. Onze grote wens om papa en mama te worden kwam in vervulling. Alles voor de baby kochten we samen, elk knuffeltje, doekje, en alle kleertjes. Het bleek een meisje te zijn. Haar kamer werd ingericht en we fantaseerden over hoe het leven met haar er uit zou zien.

Ik had een heel goede zwangerschap. Met de baby ging alles goed, ik werkte door tot 36 weken en heb heel weinig klachten gehad. Vlak voor de geboorte van ons meisje, ik was inmiddels over tijd voelde ik haar iets minder bewegen. Volgens de verloskundige was dit heel normaal bij deze termijn. Op  29 september 2011 werd ze geboren. Onze Jolie, ze was zo mooi, zo af, zo bijzonder. We waren enorm trots op haar. Onze familie kwam langs in het ziekenhuis om haar geboorte te vieren, wat waren we gelukkig. Jolie had wat opstartproblemen maar verder ging alles goed werd ons verteld.

Die nacht bleek ze stuiptrekkingen te hebben die met medicatie niet onder controle waren te brengen. Jolie moest naar het Sophia ziekenhuis vervoerd worden. Ik besefte totaal niet wat er gebeurde. Ze werd in een ambulance gereden en wij moesten er met onze eigen auto achteraan. Daar begon de nachtmerrie. Jolie herkenden we bijna niet toen we aankwamen in het Sophia. Onze volgroeide baby, geboren met 40.4 weken lag aan de slangetjes en beademing. Die piepjes van de monitor kan ik nog steeds niet goed terug horen. We werden geroepen in een kamertje, er zat een arts en verpleegkundige. Het enige wat ik onthouden heb is dat ze zeiden dat Jolie zwaar gehandicapt  zou zijn of zou overlijden en dat het niet zeker was of we nog wel gezonde kinderen zouden kunnen krijgen.

Wat je dan voelt is onbeschrijfelijk.  Dit kan niet waar zijn, dit gaat niet over ons kind. We kwamen in een enorme medische molen. Moeilijke termen, moeilijke gesprekken. Het ging veel langs me heen, ik kon simpelweg geen informatie onthouden, laat staan opslaan. Het enige waar ik me mee bezig hield was Jolie. Zo veel mogelijk bij haar zijn. Haar aaien, kusjes geven, zeggen dat we van haar hielden. Veel tegen haar praten, vertellen dat we zo trots waren, dat we niet zonder haar konden. We kregen te horen dat ze als gevolg van foeto-maternale transfusie veel bloed had verloren in de laatste dagen van mijn zwangerschap. Hierdoor is er onvoldoende zuurstof bij de hersenen terecht  gekomen waardoor hersenbeschadiging is ontstaan.

Ze was verder helemaal gezond. Als ik niet over tijd was geweest had ze nu gezond bij ons opgegroeid. We gaven Jolie alle liefde die we in ons hadden. Toen kregen we goed nieuws. Jolie zou met beperkingen door het leven gaan maar levenskwaliteit hebben. Ze zou bij ons blijven! Na al het intense verdriet vierden we opnieuw een feestje! Helaas bleek deze inschatting van de artsen niet de juiste. Toen de beademing van Jolie werd gehaald bleek ze het niet te redden. Het gevoel dat ik had toen ik dat hoorde  knijpt nog altijd mijn keel dicht.  Jolie heeft heel de nacht bij ons gelegen, afwisselend bij mijn man en bij mij. Ze was heel sterk, gaf niet zomaar op.

jolie 2Vroeg in de ochtend is ze liggend op mijn borst overleden, ik heb haar voelen doodgaan. 8 dagen oud is ze geworden. Het is zo onnatuurlijk, ik was helemaal in de war. We kwamen thuis, zonder haar. Het was leeg, kil, stil. De rouwkaartjes moesten geschreven worden, de rouwdienst in elkaar gezet worden. Zonder onze familie was dit ons nooit gelukt. Jolie heeft een prachtig afscheid gekregen. Honderden mensen leerden haar door middel van filmpjes, foto’s en verhalen kennen. Ik was totaal de werkelijkheid kwijt. Het voelde als een kraamfeest. Ik zei met een grote lach tegen de mensen; wat fijn dat je er bent.

De klap kwam er na.. Enorm zware jaren gehad, zoveel emoties en gevoelens waar je mee moet leren leven. Inmiddels zijn we 7,5 jaar verder. Na Jolie hebben we twee prachtige, gezonde meisjes gekregen waar we zielsgelukkig mee zijn. Ik kan weer genieten van het leven ondanks dat het gemis nooit over zal gaan.

Meer ervaringsverhalen van ouders lees je in Liever bij mij…

Geluk met een zwart randje – Amy* – Door: Janine

amyIn december 2012 kwamen we erachter dat we in verwachting waren. De zwangerschap was zwaar. Ben 20 weken misselijk geweest, last van mijn bekken/rug waardoor ik steeds minder kon, echt genieten van de zwangerschap kon ik niet. Wel verlangden we ontzettend naar ons kleine meisje.

Op 7 augustus braken mijn vliezen en omdat er meconium in het vruchtwater zat moest ik meteen naar het ziekenhuis in Heerlen, wat was dit spannend, we werden ouders…

Na een zware bevalling werd eindelijk ons mooie meisje geboren. We noemden haar AMY.

Amy had het ook zwaar gehad en had het erg moeilijk na de bevalling. Ze heeft 2 minuten op mijn buik gelegen en is toen met de artsen meegenomen naar de Neonatologie met de mededeling: “Ze heeft het zwaar gehad en moet 24 uur in het ziekenhuis blijven ter observatie.”

Ik vond het op dat moment allemaal prima, was blij dat ze er eindelijk was en dat we konden gaan genieten. Maar deze blijdschap was van korte duur. Nadat ik verzorgd was en met het bezoek de geboorte van Amy aan het vieren was, werd het bezoek gevraagd om weg te gaan. Meteen erna stonden 4 artsen op onze kamer met de mededeling: “We hebben slecht nieuws: Amy laat trekkingkjes zien en dit zijn geen normale trekkingkjes. Op de echo zien we toch een hersenbloeding.” Het eerste wat er in mij opkwam was: ‘ach er zijn zoveel mensen die een hersenbloeding hebben gehad en hierbij epilepsie hebben en toch oud worden.’

Met deze gedachten gingen we ook de eerste keer kijken bij onze mooie meid. Daar lag ze dan met allemaal stickers op haar volmaakte lijfje. We mochten haar aanraken, maar nog niet oppakken. De dag erna kwam de kinderarts met nog meer slecht nieuws. Ze hadden een scan van de hersenen gemaakt, maar konden geen bloedingen meer zien. De trekkingkjes bleven wel aanhouden. Dit kon duiden op een stofwisselingsziekte, of als ze daar niks in vonden gingen ze verder zoeken in de genetica. Allemaal dingen waar je wel eens van gehoord hebt, maar altijd een ver van je bed show.

Deze onderzoeken konden niet in het ziekenhuis van Heerlen hiervoor moest Amy overgeplaatst worden naar Maastricht. Hier zouden ze haar 24 uur per dag monitoren en waren ze meer gespecialiseerd in deze zwaardere gevallen.

Jeetje in wat voor nachtmerrie zijn we terecht gekomen.

Die avond zijn we nog overgeplaatst naar Maastricht en werd Amy meteen aan allerlei apparatuur gelegd. We hadden nog altijd de hoop dat alles goed zou komen tot het eerste gesprek met de neuroloog. Mijn hoop was meteen weg en ik wist diep van binnen dat dit niet goed zou komen, terwijl mijn man positief bleef en hoopte op die 50% die waarvan de dokters aangaven dat er misschien een medicijn zou gaan werken waardoor Amy een “normaal” leven kon krijgen.

Dagen gingen voorbij, waarbij allerlei onderzoeken plaatsvonden, elke dag bloed geprikt moest worden bij onze kleine meid. De dag dat Amy aan de beademing kwam omdat ze door de medicatie niet meer zelfstandig kon ademen, je haar hierdoor niet normaal kon vasthouden en je altijd afhankelijk was van de verpleegkundige, dat als er een piepje ging je hoopte dat dit piepje niet bij jou kindje was, dat je langzaam gek werd van de vele piepjes en het wachten op antwoord, het antwoord dat maar niet kwam, ook de dag dat ik ontslagen werd uit het ziekenhuis omdat ik geen zorg meer nodig had, dat je dan in een leeg huis thuis komt, waar alles klaarstaat voor de kleine meid en je langzaam gaat realiseren wat er aan de hand is; wat waren dit verschrikkelijke dagen. Binnen een paar dagen zouden we de eerste uitslagen binnenkrijgen maar de uitslagen bleven op zich wachten en er werd opeens niet meer over dagen gesproken maar over weken. Dit was zo zenuwslopend.

Na 4 weken moest Amy overgeplaatst worden van de NICU naar de PICU. Amy was te groot geworden voor de NICU en moest nu naar de kinder IC. Wat een verschil en wat hadden we het hier moeilijk mee. Het leek alsof we weer van voren af aan gingen beginnen. Weer wennen aan nieuw personeel, die in onze ogen niet wisten waar ze mee bezig waren. Onze eigen frustratie die ontzettend groot was. Gewoon de onmacht die je voelt. Je staat erbij en kijkt erna en kunt gewoon niks doen, alleen er elke dag zijn voor je eigen kindje.

Dit deden we ook en al snel voelde de PICU als thuiskomen. Het verplegend personeel ging als familie voelen. Met bepaalde zusters schepte je een band omdat zij je begrepen en alles van dichtbij meemaakten. Wat er buiten gebeurde interesseerde ons niet. Wij leefden met ons drieën in onze eigen bubbel.

Amy had goede dagen maar ook te vaak slechte dagen. Elke dag als we naar het ziekenhuis reden waren we bang voor wat we te horen zouden krijgen. De artsen probeerden van alles, maar de aanvalletjes bleven. Op een gegeven moment komt het gesprek: “we kunnen niks meer voor Amy doen en komen langzaam aan ons laatste laatje,” zoals de artsen dit noemden. Ze gingen nog 1 medicijn proberen maar ging dit niet z’n werk doen dan gingen we een heel andere weg inslaan. Deze dagen waren heel spannend en al snel zagen we dat ook dit medicijn niet z’n werk deed. Er kwam weer een gesprek. Het gesprek waar we al die weken bang voor waren.

Ze zijn uitbehandeld en gaan Amy van de beademing af halen en dan kijken hoelang Amy het zelf nog volhoudt. Op dinsdag 29 oktober 2013 ging Amy van de beademing en wonder boven wonder bleef ze zelfstandig ademen en werd ze meteen op mijn borst gelegd. Wauw wat was dit genieten. Dit heb ik 12 weken moeten missen. We mochten vanaf die week ook bij Amy blijven slapen. Zij tussen ons in, even normaal. De woensdag had Amy een hele goede dag, ze keek, maakte geluiden en we mochten haar in bad doen. Dit was voor ons allemaal niet normaal, maar wat hebben we van deze dag genoten. Het leek wel alsof Amy ons die dag even energie had gegeven want de dag erna ging het helemaal mis. Ze had aanval op aanval en uiteindelijk is ze op 31 oktober 2013 in onze armen gestorven. Zo intens verdrietig maar ook opgelucht dat ze geen pijn meer had en ze niet meer hoefde te vechten. Die nacht zijn we naar huis gereden, met z’n drieën, Amy in mijn armen. De dagen die volgden lag Amy onder in haar eigen box, ze was zo mooi en we wilden ook dat iedereen haar kwam bewonderen. We waren zo enorm trots ondanks het verdriet.

5 november 2013 was de dag van haar afscheid. We hebben alles zelf gedaan, hebben haar zelf in haar mandje gelegd, hebben haar naar de auto gedragen, hebben voor haar afscheid alles zelf klaar gezet zoals wij dit wilden. Tijdens de dienst hebben we het mandje open gelaten zodat iedereen afscheid kon nemen van Amy. Iedereen kende het verhaal van Amy, maar niemand wist hoe ze echt uitzag. En ze was nog zo mooi dat we haar graag wilden laten zien aan de buitenwereld. De belangstelling was enorm en dat heeft ons erg goed gedaan. Ook dat na de dienst iedereen is blijven wachten in de stromende regen om ballonnen op te laten voor onze Amy.

De dagen na het afscheid leef je in een roes. Vrienden en familie die langs komen met boodschappen, eten voor je maken… maar deze dagen gingen voorbij en opeens moet je weer de straat op. Dit was zo bizar. De eerste keer weer naar de winkel, of gewoon even naar buiten, je probeert mensen te vermijden, maar dat lukt je niet altijd. Ook de dag dat je weer moet gaan werken, jeetje wat was dit voor ons beide moeilijk. Ik had geluk dat ik bepaalde mensen om me heen had die me er doorheen hielpen, maar bij mijn man was weinig begrip, verschrikkelijk was dit. De tijd ging voorbij, maar de kinderwens en de vader-, moedergevoelens blijven. Je bent papa en mama geworden, maar je kunt voor niemand zorgen. We hebben even mogen proeven maar moesten Amy weer afgeven. We hadden besloten, we wachten tot de laatste gesprekken in het ziekenhuis. Komt hier niks uit gaan we proberen om een tweede kindje te mogen krijgen.

In april 2014 hebben we het laatste gesprek gehad in het ziekenhuis, van alle stofwisselingsziekten was er geen die overeen kwam, van de 129 genetische onderzoeken kwam ook geen een overeen, wat Amy heeft gehad was waarschijnlijk een foutje van de natuur en mijn man en ik hadden 5% kans op een ziek kindje bij een volgende zwangerschap en een ander 3%. Op zo’n moment is de liefde groter dan de angst en zijn we snel weer zwanger mogen worden. Deze zwangerschap was heel anders, maar de angst speelde een grote hoofdrol waardoor ik op een gegeven moment ook in therapie ben moeten gaan, met EMDR, dit is een soort trauma verwerking die mij enorm heeft geholpen.

Op 13 januari 2015 is ons tweede dochtertje geboren Eva. Dit was zo anders en we mochten ook na drie dagen samen naar huis. Maar de angst bleef, ik vond het moeilijk om me te binden omdat ik steeds dacht: Oké wanneer wordt ze bij me weggehaald. Maar je zag elke dag hoe goed ze het deed en langzaam is het vertrouwen gegroeid en wist ik op een gegeven moment dat het goed zat en kon ik eindelijk van haar genieten. Na 2 jaar begonnen we weer over een kindje na te denken en we besloten om voor een derde te gaan wat ook weer heel snel lukte. Ook in deze zwangerschap was de angst weer aanwezig, vooral doordat de zwangerschap veel op de eerste leek en ik ook nog 2 dagen na Amy was uitgerekend.

Op 10 augustus 2017 ben ik bevallen van onze mooie zoon Javi. Ook hier was alles goed mee. Maar ook bij hem heb ik veel angst gehad. Nu heb ik vertrouwen dat het ook met hem goed is.

Ik heb soms nog het verlangen om terug te gaan naar het ziekenhuis omdat hier een stukje van Amy is, terwijl mijn man hier minder behoefte aan heeft. We accepteren en respecteren deze gevoelens van elkaar. Alleen op de sterfdag van Amy komen we terug om een kaarsje voor haar aan te maken, en dit voelt goed.

We zijn nu een echt gezin maar er zal altijd een stukje ontbreken. Ik zeg altijd het leven voor Amy krijgen we nooit meer terug en nadat Amy is gestorven is er ook een stukje van ons zelf mee gestorven. Maar ik durf ook te zeggen dat we weer gelukkig zijn, gelukkig met een zwart randje. We zullen Amy nooit vergeten en ze maakt ook deel uit van ons gezin en haar zusje en broertje zullen weten dat ze een grote zus hebben die altijd over hun zal waken.

Meer ervaringsverhalen van ouders lees je in Liever bij mij…

Twee bundeltjes prachtige, perfecte mensjes: Jaïro* en Juesh* – door: Sabina uit Assen

maaike 2Op 6 juli 2018 kwam ik bij de huisarts vandaan met de uitslag van mijn hartonderzoek. Ik had net te horen gekregen dat ik beter niet zwanger kon worden omdat dit een te grote belasting van mijn hart zou zijn. Samen met mijn moeder liep ik verslagen naar buiten, weg was mijn toekomstdroom.

Maar toch voelde mijn lichaam “anders” en toen heb ik een test gedaan. En ja hoor, ik was zwanger! Na een afspraak bij de gynaecoloog bleek ik al 6 weken zwanger te zijn en een week later kreeg ik mijn eerste echo. We zagen een klein friemeltje ter grootte van een bosbesje en een hartje wat razendsnel klopte. En toen…. NOG een bosbesje met een razendsnel hartje! Wat een geluk, ik kreeg een tweeling! Vanaf dat moment werden ze liefdevol “de bosbesjes” genoemd.

Ze groeiden en begonnen te bewegen, en ik werd steeds groter en ronder. Iets te groot, met 21 weken bleek ik het TTS syndroom te hebben. Hierbij delen de kindjes aders waardoor de één heel veel voeding en bloed krijgt, en de ander niks. Het enige ziekenhuis dat ons kon helpen was in Leiden, en zo reisden mijn vriend en ik wekelijks van Groningen naar Leiden voor controle. Uiteindelijk kreeg ik een ingreep waarbij de aders die werden gedeeld werden doorgebrand en het overtollige vruchtwater werd weggehaald. 1,75 liter water in totaal, en tijdens het afvoeren presteerde mijn kleine boefje tot twee keer toe zijn vinger op de buis te leggen om het afvoeren te stoppen. De ingreep was een groot risico, maar mijn beide jongens deden het geweldig! Echo na echo was te zien dat ze groeiden, geen afwijkingen of problemen. Ik kon heerlijk van ze genieten en voelde me geweldig met deze twee mannetjes.

32 Weken zwanger, ik had nog één week te gaan voordat ik ingeleid zou worden. Jaïro (de onderste) lag al ingedaald. Ik werd in de nacht wakker om te plassen en werd vreselijk duizelig. Ik moest steun zoeken bij de muren om niet om te vallen. In de ochtend heb ik de gynaecoloog gebeld en zij zei dat ik direct moest komen.

Eenmaal in het ziekenhuis werd er gezocht naar de hartjes. Het hartje van Jaïro klopte, het hartje van Juesh was stil. Er werd een gespecialiseerde gynaecoloog bij geroepen en tijdens de echo overleed Jaïro ook. Ze konden niets doen. Het was 21 januari 2018 en mijn kindjes, mijn bosbesjes, waren overleden.

Ik moest op de natuurlijke manier van ze bevallen. De bevalling vond plaats op 23 januari. Na een weeën-storm van 14 uur kwamen mijn prachtige jongens ter wereld, stil. De stilte was oorverdovend. Mijn moeder heeft hun navelstrengen doorgeknipt, ik was te zwak na 2 liter bloedverlies. Ik moest geopereerd worden om de placenta te verwijderen en ook tijdens deze operatie raakte ik een liter bloed kwijt, 3 liter in totaal.

Versuft lag ik op de kamer. De verpleegster vroeg me of ik mijn kindjes wilde zien. Ik knikte ja, bang om ze te zien. En ze kwam binnen met 2 bundeltjes en daarin de meest prachtige, meest perfecte mensjes die ik ooit had gezien! Ik heb ze gezoend en geknuffeld, uren tegen ze gepraat. Uiteindelijk moest ik afscheid nemen.

Op 29 januari zijn mijn jongens in besloten kring gecremeerd. Het was een prachtig afscheid, precies zoals ze verdienden. Ik ontwikkelde vreselijke angststoornissen en hyperventilatie waarvoor ik in therapie moest. Nu, meer dan een jaar later heeft de woede plaats gemaakt voor acceptatie, en het verdriet voor een intens gemis. Maar het gevoel wat de boventoon voert is trots en liefde. Als mensen mij vragen of ik kinderen heb zeg ik: “Ja, 2 prachtige jongens waar ik heel trots op ben”. En alhoewel ik er nog steeds niet ben, nog steeds een lange weg heb te gaan, ben ik dankbaar dat ik hun moeder heb mogen worden.

Sabina uit Assen

Zo verliefd op jou, Seppe* – door: Romina

Ik ben Romina. Mama van zes schatten van kindjes! Eentje daarvan moest ik afgeven…
Ik, als tienermoeder, niet (of nog niet) met de beide voeten op de grond. Niet wetende dat mijn leven voor altijd zou veranderen.
Ik kreeg Luna toen ik 18 jaar oud was… Toen had ik geen idee wat er op mij afkwam, maar alles was perfect. Een baby, zo zalig, zo lief! Onze perfecte dochter.
Plots werd ons leventje onderbroken: een zwangerschapstest …alles werd stil. Hoe moest ik in godsnaam vertellen dat ik weer zwanger was? Een ‘ongelukje’, dat is waar. Maar ik was al verliefd op mijn kindje bij de eerste test die ik deed.

“Proficiat, je bent terug zwanger!
Je zult dit weer uitstekend doen,” vertelde de dokter.

Maar na 9 weken ging het mis, ik had bloedverlies. Ik was zo bang om jou te verliezen.

“Vlug , we moeten naar het ziekenhuis!!!” Gelukkig ging alles goed met jou. Mijn placenta was een beetje afgescheurd. “Rustig aan doen,” was de boodschap. Jouw kleine hartje bleef kloppen.

Mijn zwangerschap ging vlot. Toen ik vernam dat je een jongen was, ging mijn wereld open: een koningswens! En een kerstkindje. Je was uitgerekend op 23 december, wat een zalig moment.
Maar jij besloot eerder te komen. Op de dag dat je geboren werd, op 15 oktober, stond ik in een lange rij bij de Aldi. Het was 15 oktober. De pijn bleef maar komen! Toen had ik ook nog verkeerd geparkeerd om mijn dochter uit de auto te halen en moest ik van een agent mijn auto verplaatsen.
Jouw papa kwam thuis. Hij zag meteen: dit is echt niet juist! Snel richting ziekenhuis… ik was pas 31 weken zwanger. Het was nog veel te vroeg. De verpleegsters deden alles om de weeën te stoppen.

En eindelijk zeiden ze: “Yes het is gelukt, ga maar slapen! Het zal jou deugd doen.”
Ik kreeg een slaappil.

Ik werd wakker van een helse pijn om tien over zes in de ochtend.
De verpleegster kwam en haar gezicht veranderde bij mijn controle.
Ik had al 7 cm opening… te veel om jouw geboorte tegen te houden.

Het was 16 oktober.
“Mevrouw jij gaat bevallen,” hoorde ik.

Alles stond stil: ik moest naar het verloskwartier, aan de monitors, hartspecialist erbij. Er kwamen zoveel mensen die kleine kamer binnen!
Om vijf over half acht was je er. Mijn Seppe, onze kleine broer. Mijn prins.

Ik zag je even, tot de dokter riep: “Pak hem, godverdomme, pak hem!”

Je bent even weg geweest. Je moest twee minuten gereanimeerd worden en toen kwam je hartje terug. Je was 44 centimeter lang en woog 2010 gram en dit voor 31 weken! Je was gewoon een super baby!
Iedereen deed je smelten met jouw grote blauwe ogen. Je betoverende glimlach.
Na een maandje tandenbijten op neonatologie, mocht je naar je eigen huisje vertrekken.
Wat was jij een vechtertje!

Eenmaal thuis bleef je maar huilen. Wanneer mama met jou bezig was, dan was je gerust. Kon je lachen. Jouw oogjes die fonkelen, zó verliefd op mij. Jij was zot van jouw mama, maar mama ook van jou…

Op 24 juni was je bij opa en oma. Het was een super warme dag.

Plots belde oma mij op: “Seppe is naar het ziekenhuis!”

Oma huilde.

Opa huilde.

Ik wist totaal van niks. Hun woorden raakten mij niet.

Opa kwam mij ophalen van mijn werk. Ik stelde hem duizend vragen en kreeg maar geen antwoord…

Tot ik je zag! Zo stil, niks, weg. Waar is mijn Seppe?

“Mevrouw… Uw zoon geeft een te groot hoofd, iets van opgemerkt?”

Wat denken die wel?! Ik heb van dokter, naar dokter geweest.

“Typische huilbaby mevrouw … niks erg hoor.”

“Ok , ben ik mee eens.”

Tijdenlang is het zo voortgegaan en nu moet ik plots antwoord geven op de vraag:

“Mevrouw? Mogen wij een autopsie doen!?”

We hebben dit gelukkig toegelaten. Want daaruit bleek dat Seppe hydrocefalie had, een prematurenaandoening!
Hoe kan de arts dit niet gezien hebben op de dag dat Seppe ter wereld kwam? Of heeft hij het verzwegen? 3 maanden na het overlijden van Seppe heeft onze spoedarts, die ook aangedrongen heeft op de autopsie, ons het dossier van Seppe in handen gegeven. Hij heeft ons laten zien dat Seppe’s aandoening gezien was. Seppe is voor niks gestorven!
Mijn kleine vriend, die 8 maanden heel veel pijn geeft gehad. Toen hij nog leefde hadden we al een afspraak gepland in het UZ van Gent. Waarom had ik niet eerder deze afspraak gemaakt? Dan was hij hier nog misschien…

Seppe … we houden van jou tot aan de maan en terug! 😍😘

Zoveel jaren zonder jou, Axel* – door Milanda

20 jaar geleden was ik aan mijn laatste werkdag op school begonnen. Heerlijk zwangerschapsverlof, genieten van thuis, de laatste voorbereidingen voor je geboorte. Ons 4e kindje. Ons geluk was groot.

Ik bracht je broertje van 2 die ochtend met de fiets naar de crèche. Het ging nog maar net.

We hadden met papa samen plannen gemaakt voor deze woensdagmiddag. Op het menu stond: wentelteefjes. Jippie, lekker. Terwijl jij heerlijk aan je middagslaapje begon ging ik met je grote zussen even naar de markt. Eenmaal thuis was er onrust bij papa. Axel was schreeuwend wakker geworden die middag en kon nog moeilijk op zijn beentjes staan, hij had overgegeven. We besloten maar even de dokter te bellen.

Gelukkig konden we nog terecht. Hij onderzocht ons manneke maar kon niks verontrustends vinden.

Het enige vreemde was zijn ondertemperatuur. Met de boodschap: even goed blijven opletten en anders morgen terugkomen gingen wij huiswaarts.

Vreemde gedragingen bleven er volgen. In het grote bad kon jij niet meer rechtop zitten en voor ik het wist veranderde je lijfje in een zielig hoopje. Bijna verdronk je in het badwater. Pfff…. Maar ja, zei ik tegen mezelf: er is toch niks, we zijn net bij de dokter geweest.

Met mijn dikke buik en 38 weken zwanger dwong mijn maatje me om zelf lekker rust te nemen.

Een stemmetje was het er niet mee eens, maar ik dwong mezelf dit advies aan te nemen. Niet beseffende dat dit mijn laatste levende contact zou zijn. Die ochtend werd ik wakker en begon ik aan mijn vaste rituelen van de ochtend. Zou Axel nog slapen??? Misschien handig als ik even ging kijken en zo nodig de dokter kon bellen. Ik liep naar binnen zoals elke ochtend, zingend… Er kwam geen reactie. Vreemd. Ik pakte hem vast. Koud. Ik keek naar hem, maar wilde niet geloven wat ik daar zag. Een nachtmerrie die ik nooit meer kwijt zal raken, die blijvend zal afspelen in mijn leven, elk jaar weer op die dag. Een donderdag. Ik weet het nog alsof het gisteren was.

Terwijl ik dit schrijf zijn we 20 jaar verder en komt onze jongste net de woonkamer binnen.

Hij werd 4 weken na dit intense verlies geboren. Een nieuw wonder. Ik heb nog steeds moeite met het woord vertrouwen, want dat is geknakt en zal altijd een breuk blijven houden. Ik heb weer liefde gevoeld in de jaren erna. Moeilijk was het om dit toe te laten. De rouw doet pijn omdat de liefde blijft. Mijn gezin werd heel hecht. Zeker toen we 6 jaar later ook van papa Wim afscheid moesten nemen. We zijn het leven blijven vieren. Geliefde plekken worden bezocht. Lekkere recepten blijven we koken. Geliefd gebak wordt geregeld bij de bakker gekocht. Afgelopen jaar verkochten we ons (t)huis en namen we met ons gezin afscheid van de mooie en trieste jaren op deze geliefde plek. We stookten fikkie en haalden herinneringen op. We lachten en tranen liepen over onze wangen van blijdschap en verdriet. We liepen nog een keer door ons Huis en sloten het met de sleutel af om een nieuwe deur open te maken in een ander Huis.

De liefde voor onze sterren ging mee in ons hart. Dit jaar werd ik oma van kleinzoon Finn. Als hij groter is zal ik hem vertellen over zijn veertje’s oom Axel in een mooi eigen gemaakt verhaal.

Het complete verhaal van Milanda en Axel* lees je in Liever bij mij…

axel.jpg

Sterrenmoederdag

covervoorkantMoederdag. Dit jaar laat ik graag andere moeders vertellen hoe zij denken over Moederdag. Waar zij mee worstelen en van dromen. Hun verlangens en gemis. Woorden die het verdienen om gehoord te worden, Moederdag voor álle moeders. Ik heb moeders gevraagd te delen wat zij het mooist en moeilijkst vinden op Moederdag via Facebook. Daarnaast zijn er enkele mooie blogs ingezonden. Dank jullie wel ❤

Liefs Irene

Ineke geeft op haar blog Broken but real haar visie over Moederdag en hoe dat bij hen gevierd wordt. “Een dag om moeders te eren. Een dag om moeders te herdenken als ze er niet meer zijn. Een dag om moederharten te erkennen. Harten die verlangen naar een kind dat er niet kwam. Harten die gebroken zijn omdat het kind dat er was, is overleden. En harten die het geluk hebben kinderen op te mogen zien groeien met alles wat daarbij komt kijken….”

“Zondag is het moederdag. Die ene plek in ons gezin blijft oorverdovend leeg. We zijn niet de enigen. Ik voel me verbonden met al die andere mama’s van onzichtbare kinderen. Mama’s waarvan jij en ik misschien niet eens weten dat ze diep in het verborgene mama zijn geweest. Mama’s die in hun zwangerschap hun kindje al terug moesten geven. Mama’s die al zoveel jaren geleden hun kindje verloren, waardoor wij misschien niet eens beseffen dat ze kinderen hebben gehad. Mama’s die al een toekomstbeeld voor ogen hadden met kindjes op hun bed, maar bij wie het bed nu zo leeg blijft, omdat hun kinderwens (nog) niet vervuld werd.” Vertelt Arianne op haar blog Zwarte Roze Wolk

Marieke geeft woorden aan haar droom met Moederdag….
“Hoewel ze maar zeer kort in ons leven aanwezig was zijn wij toch zeer blij dat ze er voor altijd voor zal zijn; stil in ons hart waar  zoveel plaats is voor haar. Ik ben blij dat ze er is:

Het gras buigt voor jou als je huppelt over onze uitgestrekte weide.
Vlinders fladderen mee op het ritme van jouw dansende haren.
Bloemen draaien zich nieuwsgierig in jouw richting.
Het gezang van de vogels verandert in een betoverend orkest.
Het is windstil en de horizon kleurt lichtroze.
Daar ga je weer, hoog, boven op jouw wolk.
Ik zie je terug, lieve Maria, in mijn droomwereld.”

Moederdag is voor sterrenouders bij uitstek een dag waarop rouwgevoelens meer op de voorgrond treden dan anders… Het gemis is meer aanwezig dan anders. Myrthe benoemt het rouwmonster in de eerste periode na het verlies van een kindje op haar blog Life without Sue…. “Het rouwmonster. Niemand die je vertelt hoe je het rouwen het beste aan kan pakken, want daar is gewoonweg geen handleiding voor. Zoek het zelf maar uit en kijk maar wat je doet, zo voelt het. In het begin is de omgeving zeer betrokken en de kaartjes, berichtjes, bloemetjes en andere blijken van medeleven vliegen je om de oren…”

Natuurwet van gemis

“De scherpte gaat ervan af, maar het gemis wordt steeds groter,” hoor ik wel vaker zeggen. En weet je, ergens is dat ook zo. Je leert omgaan met je gevoelens, te overleven en later ook weer te léven, je leert dat het verdriet om je kindje voortaan bij je hoort. En het gemis groeit tegelijk met je kindje mee. Je mist na enkele jaren niet alleen de baby die er zou zijn, maar ook de peuter, de kleuter, de tiener en later de volwassene die jou zou zien als steun en toeverlaat bij moeilijkheden in het leven.

Er zijn echter dagen waarop die natuurwet van het gemis geen grip lijkt te hebben, momenten waarop de pijn in alle hevigheid aanwezig kan zijn, je kan overvallen, verlammen en verdrinken. De golven van verdriet zijn dan zo sterk dat verzet of ‘dapper zijn’ geen zin heeft. Vaak weet je vooraf wel wat die moeilijke dagen zijn, waarin je terug wordt geslingerd naar het verleden, maar soms overvalt het je geheel onverwacht.

Moederdag en Vaderdag zijn precies van die dagen waarop ouders die een kindje missen worstelen met hun emoties, waarop het gemis fysiek voelbaar is en het verdriet alom aanwezig. Het zijn tegelijk ook dagen waarop je veel liefde en trots voelt voor je kindje en behoefte hebt om dat te delen, om te vertellen, een luisterend oor te vinden en een arm om je heen. Daarnaast zijn het ook nog eens dagen waarin de buitenwereld vol triggers zit, die je vertellen dat Moederdag en Vaderdag gevuld zijn met vrolijkheid en lachende kinderen die springen op bed.

Er wordt voorbijgegaan aan het feit dat niet iedereen ouder kan zijn, een kindje dicht bij zich heeft of zelf een ouder mist. En dat veroorzaakt een gevoel van eenzaamheid, en soms ook schuld naar de andere kinderen toe als die er zijn, wanneer je dan toch ervaart dat het allemaal niet zo eenvoudig is. Dat je het kindje dat er niet bij kan zijn, gewoon ontzettend mist en je overmand voelt door emoties.

De bundel Sterrenkusjes is er om je te laten zien dat je niet alleen bent in je momenten van verdriet met die bijzondere dagen. Vele ouders delen hier hun gedichten en weer anderen hebben ervoor gekozen hun kindje achter in het boekje te laten vernoemen. Opdat hun woorden en gezelschap een stukje troost mogen bieden, herkenning en erkenning van je gevoelens. Naast liefde en trots, hebben ook verdriet en gemis hun plekje als twee zijden van dezelfde medaille.

De komende week vind je elke avond een van de mooiste gedichtjes uit de bundel op Facebook, willekeurig gekozen ❤

Liefs,
Irene

milky-way-916523_1280

 

 

Dichtbundel Sterrenkusjes

Lieve allemaal,

De mogelijkheid om gedichten in te zenden is vanaf vandaag helaas gesloten! Je kindje laten vernoemen kan wel nog tot en met vrijdag, hier zijn nog maximaal 20 plekjes vrij. Inschrijven kan hier.

Dit jaar zijn er ontzettend veel mooie gedichtjes ingezonden, wel 50 stuks! Dank jullie wel allemaal  De allermooiste gedichten krijgen binnenkort ook een plekje op de facebookpagina en het blog.

Liefs,
Irene

wolken dichtbundel 2018

Wat als je anders rouwt? – door Luc en Shirley

lovers-2761551_1920Luc en ik zijn eigenlijk twee tegenpolen. Luc is een binnenvetter die voor de buitenwereld de lolbroek uithangt en ik ben een prater die lang kan nadenken. Dit is iets dat vooral in de verwerking van het verlies rondom Nino erg botste.

Toen ik half september weer aan het werk moest, merkte ik eigenlijk pas wat voor klap ik had gehad. Ik kon mijn aandacht niet bij mijn werk houden, voelde me erg labiel en had weinig fut. Ik zocht psychologische hulp en heb in overleg met de bedrijfsarts afgesproken om therapeutisch te gaan werken. Langzaam aan ben ik door die gesprekken gaan inzien dat ik nog altijd diegene ben die ik voor de gebeurtenissen was, alleen was ik mezelf even kwijt. Na een dik half jaar heb ik de therapie succesvol afgerond, ik had mezelf weer terug gevonden. Ik was toen en ben ook nu nog altijd niet over de gebeurtenissen rondom Nino heen en dat kan ook niet, want het verlies van je kind blijft een impact hebben op je leven. Het gaat nu steeds wat makkelijker, maar het gemis blijft. Op momenten dat ik niet goed in mijn vel zit kan ik erg negatief gaan denken en twijfel ik ook of wij wel de juiste keuze hebben gemaakt. Maar als ik goed en logisch denk weet ik dat Nino echt geen kans had en dat we voor ons de juiste keuze hebben gemaakt.

Luc is lang zonder hulp doorgegaan. Iedereen merkte dat hij niet goed in zijn vel zat, maar hij wilde het zelf niet inzien. Hij is een gevoelig persoon die niet over zijn gevoelens kan praten. Dit is lang zo gebleven, totdat het tussen ons zo erg ging botsen dat ik heb aangegeven dat als hij niet zou veranderen ik het niet lang meer vol zou houden met hem. Dit was ongeveer driekwart jaar voordat we zouden gaan trouwen. Onze dochter Fenna, die een jaar na Nino geboren is, was inmiddels bijna anderhalf jaar oud.

Zijn vrolijkheid verdween steeds meer, hij was snel geïrriteerd en een normaal gesprek voeren kon vrijwel niet omdat bijna alles in het negatieve getrokken werd. We hadden bijna dagelijks woorden om de stomste dingen en wanneer de irritaties hoog waren opgelopen ging hij weg, sloeg met deuren en stampte de trap op naar boven. Een enkele keer ging hij ook van huis weg. Even een frisse neus halen en alles laten bezinken. Op zo’n moment konden we niet met elkaar praten. Doordat hij geïrriteerd was werd ik het ook en dat botste dan nog meer. De druppel voor mij, de reden waarom ik ‘eiste’ dat hij hulp zou zoeken, was dat hij zelfs naar onze dochter toe geïrriteerd ging reageren als ze niet luisterde of huilde om niks. Ik dacht toen: ‘als je tegen mij zo doet, ik kan het enigszins hebben, maar een kind kan er niks aan doen dat jij niet lekker in je vel zit.’ Ze was immers te klein om te begrijpen waarom papa zo deed.

Dit kwam ook ter sprake tijdens een etentje met Luc’s neef en diens vrouw. Het is familie, maar eigenlijk zijn het ook geweldige vrienden waar je altijd op kunt rekenen! Op dat moment bood de vrouw van Luc’s neef, die zelf maatschappelijk werkster is, aan om Luc te helpen. Als hij er behoefte aan had kon hij met haar komen praten. Gelukkig nam hij dit aanbod aan en na verloop van tijd veranderde Luc weer in die leuke, lieve en vrolijke man waarop ik jaren terug zo verliefd was geworden. Maar ook voor hem blijft het met momenten nog steeds erg moeilijk.


lieverbijmij_cover_3dLuc en Shirley schreven mee aan het boek ‘Liever bij mij…’ Wil je hun verhaal en dat van 32 andere lotgenoten lezen? Het boek is te bestellen bij je lokale boekhandel of via de webshop van Kusje in de wind.